onderwijs

Het Finse onderwijs

Elke drie jaar wordt het PISA-onderzoek opgesteld dat de kennis van scholieren in verschillende landen toetst. 15-jarigen worden ermee getest op hun leesvaardigheid, wiskundige kennis en wetenschappelijke geletterdheid. Het laatste PISA-onderzoek dateert van 2018.

Finland wordt vaak geroemd om de goede kwaliteit van het onderwijs. De basis van hun succesvolle onderwijssysteem is er vroeg aan beginnen. Maar voor kinderen leren spellen of de tafels uit het hoofd moet kennen, leert het onderwijs in Finland hen eerst kind te zijn.

De website van Business AM somt acht dingen op die het onderwijs in Finland bij het beste van de wereld zou plaatsten.

  1. Competitie is minder belangrijk dan samenwerken
    Het is in Finland niet belangrijk om de beste school van het land te zijn. In sommige landen is de concurrentie heel groot en hebben scholen een reputatie tegen elkaar te verdedigen. In Finland wordt de samenwerking tussen scholen net aangemoedigd. En dat lukt, omdat het Finse onderwijssysteem geen privéscholen kent, alleen maar openbare scholen. Iedere school in Finland wordt dus ondersteund met geld van de overheid.

De leerkrachten krijgen een opleiding om zelf hun testen uit te werken in plaats van beroep te doen op standaardtoetsen. “In het Fins bestaat er geen woord voor verantwoording”, zei onderwijsexpert Pasi Sahlberg ooit tijdens een lezing in Columbia University. Leerkrachten worden verondersteld het goed te doen zonder motivatie of competitie.

  1. Onderwijzen is een van de meest gerespecteerde beroepen
    In Finland is er veel respect voor leerkrachten. Ze worden ook heel goed betaald, omdat iedereen beseft hoe belangrijk ze zijn. Finland investeert veel geld in de ontwikkeling van kinderen, omdat ze geloven dat ze daar de rest van hun leven van zullen profiteren. Voor je in Finland leerkracht kunt worden, moet je minstens een masterdiploma hebben behaald. Vervolgens moet je nog een programma afwerken voor je in het onderwijs kunt stappen.

Leerkrachten in wording doen meestal stage in scholen die verbonden zijn met de universiteit waar ze studeren. Het resultaat is dat leerkrachten wel weten hoe ze het beste pedagogische systeem kunnen uitwerken, zonder dat er vanuit de overheid een systeem wordt opgelegd.

  1. Finland gebruikt onderzoek
    Wetenschappers doen voortdurend onderzoek naar onderwijs en onderwijssystemen, maar vaak blijven die studies ergens in politieke hoek hangen. Of ouders eisen inspraak en geloven dat bepaalde elementen niet goed voor hun kinderen zijn. In Finland hoeven onderzoekers zich geen zorgen te maken over de politieke invloed. De overheid neemt beslissingen met betrekking tot onderwijs die uitsluitend op efficiëntie gebaseerd zijn.

Als onderzoekers duidelijk maken dat iets beter kan, dan zal de overheid het waarschijnlijk wel eens proberen. Waar onderwijs in sommige landen dus nog een tak van de politiek is, is onderwijs in Finland een professionele kwestie. Kortom, in Finland proberen ze en geraken ze verder.

  1. Finland durft experimenteren
    Aansluitend bij het vorige is het zo dat Finland met onderzoek durft te experimenteren. Behalve politiek is ook geld geen probleem in Finland. Leerkrachten krijgen de raad om hun eigen minilaboratoria te vormen en zo hun perfecte stijl van les geven te ontdekken. Wat werkt moeten ze blijven doen, en wat niet werkt moeten ze uiteraard droppen.

Andermaal is duidelijk dat leerkrachten in Finland heel veel verantwoordelijkheid dragen. Maar zo’n systeem zorgt er ook voor dat ze vaker buiten het kader denken.

  1. Speeltijd is heilig
    Kinderen moeten in de eerste plaats kind zijn in het Finse onderwijs. Daarom mag er niet aan speeltijd worden geraakt. Integendeel zelfs, het Finse onderwijssysteem stelt dat kinderen 15 minuten speeltijd voor iedere 45 minuten les moeten krijgen. Finnen geloven dat kinderen de ruimte moeten krijgen om zo lang mogelijk kind te blijven. Het is niet hun taak om snel op te groeien en meteen alles van buiten te beginnen leren of toetsen te maken.

En ze hebben blijkbaar gelijk, want zowat iedere studie toont aan dat leerlingen en studenten die 15 minuten of langer ontspanning krijgen, het beter doen op school en beter opdrachten uitvoeren.

  1. Kinderen hebben weinig huiswerk
    Ook dit klinkt kinderen natuurlijk als muziek in de oren, want in Finland krijgen ze weinig huiswerk mee. Wanneer ze thuis komen, hebben Finse kinderen dus maar heel even werk. Dat is mogelijk omdat er in Finland een band van vertrouwen bestaat tussen scholen, leerkrachten en ouders. Zo gaan de ouders ervan uit dat de leerkrachten doen wat nodig is tijdens een schooldag, en de school vertrouwt hen hier ook in.

Extra werk wordt door iedereen – ouders, leerkrachten en leerlingen – gezien als onnodig. De tijd die de kinderen na school thuis doorbrengen, is bedoeld voor hun familie, waar de kinderen uiteindelijk ook levenslessen kunnen aangeleerd krijgen.

  1. Kleuterklassen zijn van hoog niveau
    In Finland garandeert het onderwijs ouders alles vanaf de kleuterklas. Zowel kleuterklas als dagopvang zijn er universeel tot de leeftijd van 7 jaar. Liefst 97% van de 3- tot 6-jarigen maakt er gebruik van. Maar de scholen zijn ook goed, van een hoog niveau zelfs. Ze stemmen hun curriculum vaak met elkaar af en bereiden zo kinderen op een gelijkaardige manier voor. Ouders kunnen dus gerust zijn dat hun kind in elke school dezelfde lessen zou krijgen.
  2. Hoger onderwijs is gratis
    Hoger onderwijs kan soms heel duur zijn. Zeker in de Verenigde Staten kan het bedrag om verder te studeren hoog oplopen. Maar in Finland is hoger onderwijs gewoon gratis. Bachelor-, master- en zelfs doctoraatstudies worden er betaald met een combinatie van belastingsgeld en geld van de federale overheid.

“Dat neemt heel veel druk weg bij jonge mensen, want ze moeten niet vrezen of ze wel gaan kunnen betalen voor hun studies”, zegt Sahlberg aan Business Insider. Volgens hem geloven ze in Finland dat onderwijs, inclusief hoger onderwijs, een mensenrecht is en dat dit helpt om iedereen in de maatschappij gelijke kansen te geven”.

Verder gaan Finnen pas verplicht naar school vanaf 7 jaar tot 16 jaar. Is het middagmaal er gratis, net als boeken, materiaal en uitstappen gedurende hun ganse schoolloopbaan. Leerlingen kiezen er pas een studierichting vanaf 16 jaar. Een schooldag duurt er ongeveer 4 à 5 uur (klasse.be).

Het Vlaamse onderwijs

In 2018 namen wereldwijd ongeveer 600.000 leerlingen deel aan het Programma for International Student Assessment (PISA). In Vlaanderen waren 4822 leerlingen uit 172 scholen bij de test betrokken. Uit de resultaten blijkt dat Vlaamse leerlingen opnieuw minder goed scoren op leesvaardigheid, wetenschappen en wiskunde dan drie jaar geleden. Voor leesvaardigheid vallen de Vlaamse leerlingen zelfs voor het eerst uit de top-10 van de OESO-landen (vlaamsparlement.tv).

Enkele conclusies die te nemen zijn over het PISA-onderzoek (klasse.be):

Leesvaardigheid: Vlaamse leerlingen halen subtop
Wereldwijd scoren 10 landen hoger op lezen – het hoofddomein uit dit PISA-onderzoek – dan Vlaanderen: 5 Aziatische toplanden, Estland, Canada, Finland, Ierland en Polen.

11 landen halen een score die vergelijkbaar is met die van Vlaanderen, waaronder Europese landen Zweden, het Verenigd Koninkrijk, Denemarken, Noorwegen, Duitsland en Slovenië.

De Frans- en Duitstalige Gemeenschap en onze buurlanden Nederland, Frankrijk en Luxemburg doen het minder goed.

Wiskundige en wetenschappelijke geletterdheid: Vlaamse leerlingen scoren sterk
Voor wiskunde scoren alleen 6 Aziatische landen beter. 6 andere landen halen een vergelijkbare score, waaronder Estland, Nederland, Polen en Zwitserland.

Voor wetenschappen halen leerlingen uit een paar Aziatische landen, Estland en Finland betere scores. 10 landen halen een vergelijkbare score, waaronder Polen, Slovenië, Verenigd Koninkrijk, Nederland en Duitsland.

Vlaamse scores dalen in alle domeinen
Hoewel Vlaamse leerlingen internationaal en Europees nog altijd goede resultaten halen voor lezen, wiskunde en wetenschappen, zien we door de jaren heen wel een duidelijke dalende trend in de gemiddelde score. Voor wiskunde kent Vlaanderen tussen 2003 en 2018 zelfs de op 1 na grootste puntendaling van alle Europese landen.

De kloof tussen zwakke en sterke leerlingen is groot
Het verschil tussen de zwakste en sterkste leerlingen is in Vlaanderen groter dan gemiddeld, zowel voor lezen, wetenschappen als wiskunde.

Meer dan in andere landen wordt het verschil in score mee verklaard door de sociaal-economische-thuissituatie (SES) en thuistaal: kansarme leerlingen en leerlingen die thuis geen Nederlands spreken, scoren beduidend slechter.

Steeds meer leerlingen halen het basisniveau niet
Terwijl het aandeel toppresteerders relatief groot blijft (maar wel daalt voor wiskunde), stijgt het aandeel leerlingen dat voor lezen, wetenschappen en/of wiskunde het basisniveau niet haalt (bv. lezen: PISA 2009: 13 %, PISA 2018: 19 %). Dat basisniveau is het minimale niveau om in de maatschappij op eigen benen te kunnen staan en wordt in PISA aangeduid als niveau 2.

De Finse invloeden in het Vlaams onderwijs

Het Vlaamse onderwijs is al enkele jaren bezig met hervormingen. Heel wat van de ideeën voor die hervormingen zijn overgenomen van het Finse onderwijs.

Zo heb je in vele basisscholen het KIVA antipestprogramma lopen. KiVa is het wetenschappelijke antipestprogramma uit Finland en betekent in het Fins ‘fijn’ of ‘leuk’. Het is een preventief en schoolbreed beleid voor basisscholen, dat het welbevinden op school versterkt en (cyber)pestproblemen voorkomt en oplost. KiVa versterkt de sociale vaardigheden van leerlingen en ook leerkrachten voelen zich beter. Aangezien KiVa-leerkrachten pestproblemen beter aanpakken en meer vertrouwen krijgen, werkt dit de positieve sfeer in de klas en op school in de hand (kivaschool.be).

De stapsgewijze hervorming die van start ging op 1 september 2019 vertoont ook heel wat Finse invloeden, zoals onder andere de invoering van een brede eerste graad en het uitstellen van een studiekeuze naar 14 jaar.

Het Vlaamse onderwijs wil ook de kloof tussen de zwakke en sterke leerlingen verkleinen. Die kloof zou vooral te wijten zijn aan de thuistaal, maar ook Finland heeft heel wat migrantenkinderen. Finland heeft een percentage van 4% zittenblijvers, tegenover 47% in de Franse Gemeenschap en 27% in de Vlaamse Gemeenschap. Misschien kan België daar toch nog wat meer gaan afkijken (itinerainstitute.org).

Heel veel lof over het Finse onderwijs. Tijd dus om als leerkracht enkele dagen mee te draaien. Zie mijn blog, hoe het mij verging.